Feed-aggregator
Coolblue opent winkel in Apeldoorn
De locatie in winkelcentrum De Voorwaarts bestrijkt 1.500 vierkante meter winkeloppervlak en heeft ruim parkeerruimte. Het bedrijf vult hiermee een duidelijk gat in zijn fysieke netwerk in centraal Gelderland en de Veluwe.
De dichtstbijzijnde bestaande vestigingen bevinden zich in Arnhem (ongeveer 35 km zuidwaarts), Hengelo (circa 55 km oostwaarts), Nijmegen (ongeveer 60 km zuidoost) en Almere (rond de 65 km west). Met de komst van de Apeldoornse locatie bedient Coolblue voortaan het tot nu toe onbediende middengebied tussen Arnhem en Hengelo.
Aan de noordkant van dit gebied zou Zwolle een logische locatie bieden voor verdere uitbreiding. Maar daarover is geen aankondiging gedaan.
In de nieuwe winkel komt, net als in alle andere Coolblue-winkels, een inpandige pakketautomaat. Klanten die hun bestelling in de winkel ophalen, ontvangen een e-mail met een QR-code en een pincode. Met één van beide kunnen ze hun kluisje openen en hun bestelling meenemen. Wachten aan servicebalie is voor deze groep shoppers verleden tijd.
Jos Groenendijk, Head of Stores, zegt in een persbericht: “Er zijn een hoop klanten die zo snel mogelijk hun bestelling willen meenemen. Denk aan een powerbank of een kabeltje. Met de pakketautomaat maken we dat nog makkelijker en sneller.”
OM verzoekt faillissement cryptocurrency bedrijf Knaken
Het Openbaar Ministerie (OM) heeft de rechtbank Rotterdam verzocht om Knaken Cryptohandel B.V. en de gelieerde Stichting Knaken Payments failliet te verklaren. Het OM doet dat naar aanleiding van signalen van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) over een ‘zeer zorgwekkende situatie’ bij dit bedrijf dat cryptodiensten met aanbiedt.
Bij het bedrijf konden klanten onder meer geld omzetten naar cryptomunten en andersom en ze konden er cryptomunten laten bewaren. Voor dit soort bedrijfsactiviteiten is een vergunning nodig van de AFM, die het bedrijf echter niet heeft verkregen. Het bedrijf zegt daarom gestopt te zijn met activiteiten en zou bezig zijn met een afwikkeling.
Het OM is echter zeer bezorgd dat die afwikkeling niet op ordentelijke wijze verloopt, wat ernstige gevolgen zou kunnen hebben voor de klanten van het bedrijf. Het bedrijf is opgehouden klanten uit te betalen. Om deze redenen vraagt het OM in het openbaar belang het faillissement van het bedrijf aan. De rechtbank moet nog beslissen over dit verzoek.
Het OM heeft enkele taken buiten het strafrecht. Eén daarvan is dat het OM in het openbaar belang het faillissement van (rechts)personen kan aanvragen. Het OM verzoekt om het faillissement van dit bedrijf om een ordentelijke afwikkeling te waarborgen, mede gelet op de bedrijfsactiviteiten zonder vergunning en de hoeveelheid klanten. In zijn algemeenheid geldt dat als een bedrijf door de rechtbank failliet wordt verklaard, de curator het vermogen van het bedrijf kan gebruiken om de schuldeisers (zoals bijvoorbeeld klanten) te voldoen. Het Openbaar Ministerie is niet betrokken bij de manier waarop een curator een faillissement behandelt.
Strafrechtelijk onderzoek
Naast het civiele traject kijkt de FIOD naar mogelijk strafbare feiten die zijn gepleegd. De zorgelijke situatie zoals geschetst door de AFM en een aangifte van de toezichthouder is daar mede aanleiding voor. In dat kader zijn er op maandag 29 juni meerdere doorzoekingen gedaan, zijn digitale gegevensdragers in beslag genomen en is beslag gelegd op vermogen van de onderneming. Er zijn geen personen aangehouden.
De civiele taken en het strafrechtelijk onderzoek worden binnen het OM van elkaar gescheiden en door verschillende teams uitgevoerd.
Nederlandse digitale economie groeit verder, maar verschillen tussen digitalisering en digitale sector nemen toe
Digitalisering blijft de sterkste groeimotor van de Nederlandse digitale economie. De zakelijke uitgaven aan publieke cloud stegen naar circa 2,9 miljard euro, een groei van 16,5 procent ten opzichte van een jaar eerder. Vooral Infrastructure-as-a-Service (IaaS) profiteerde van de groeiende vraag naar AI-gerelateerde toepassingen en groeide naar ruim 1 miljard. Dat blijkt uit gegevens van onafhankelijk onderzoeksbureau Pb7 Research met medewerking van de Dutch Cloud Community, Dutch Data Center Association en Rabobank.
De Nederlandse digitale economie bleef in het eerste kwartaal van 2026 groeien, maar de onderliggende ontwikkelingen lopen steeds verder uiteen. De Digitale Economie Index Nederland (DEIN) daalde licht van 117 naar 116 punten. Deze beperkte terugval weerspiegelt geen verzwakking van de digitale economie, maar vooral de toenemende divergentie tussen digitalisering, digitale infrastructuur en de digitale sector.
Ook het aantal ICT-beroepen bereikte een nieuw recordniveau van 586.000 werkenden (+2,3% j-o-j). AI ontwikkelt zich daarbij steeds nadrukkelijker van experimentele technologie naar een structureel onderdeel van bedrijfsprocessen. Organisaties investeren niet alleen in AI-oplossingen, maar ook in de cloud- en data-infrastructuur die daarvoor noodzakelijk is.
De digitale sector laat een opvallend gemengd beeld zien. De toegevoegde waarde groeide met 2,8% naar 10,7 miljard euro en presteerde daarmee beter dan de Nederlandse economie als geheel. Tegelijkertijd daalde de werkgelegenheid met 4,2 procent naar circa 367.000 werkzame personen.
Deze combinatie van economische groei en afnemende werkgelegenheid wijst op een nieuwe fase in de ontwikkeling van de sector. AI, automatisering, cloudplatformen en standaardisatie maken het mogelijk om meer economische waarde te creëren met minder inzet van personeel. Daarmee lijkt de digitale sector één van de eerste sectoren te zijn waarin de productiviteitseffecten van AI daadwerkelijk zichtbaar worden.
De digitale infrastructuur bleef zich ontwikkelen, maar loopt steeds vaker tegen fysieke beperkingen aan. Zo blijven netcongestie, vergunningprocedures en internationale concurrentie belangrijke uitdagingen voor verdere uitbreiding van digitale infrastructuur. De snelle groei van AI vergroot de vraag naar rekenkracht en datacentercapaciteit verder, waardoor energievoorziening en uitvoeringskracht steeds bepalender worden voor de toekomstige ontwikkeling van de sector.
Naast AI stonden ook digitale weerbaarheid en digitale soevereiniteit hoog op de agenda. Grote cyberincidenten bij onder meer Odido en ChipSoft onderstreepten de maatschappelijke afhankelijkheid van digitale systemen. Daarnaast kreeg de Nationale Digitaliseringsstrategie verder vorm en verschoof het debat over digitale autonomie steeds nadrukkelijker naar praktische keuzes rond cloud, data en AI-infrastructuur.
Vanaf 1 juli strengere regels voor telemarketing
Consumenten en kleine ondernemers (zzp’ers en vof’s) krijgen vanaf 1 juli meer bescherming tegen ongewenste telemarketing, als gevolg van een wijziging van de Telecommunicatiewet. Nu mogen bedrijven consumenten en kleine ondernemers nog bellen met een commercieel aanbod als zij klant zijn of in het verleden klant zijn geweest.
Bedrijven moeten vanaf 1 juli vooraf uitdrukkelijke toestemming (opt-in) hebben om consumenten telefonisch te benaderen. Deze toestemming moet aan alle wettelijke vereisten voldoen en mag bijvoorbeeld niet telefonisch tijdens een servicegesprek worden verkregen. De nieuwe regels gelden voor alle bedrijven. Er geldt alleen een uitzondering voor goede doelen, loterijen die geld geven aan goede doelen en uitgevers van dagbladen, weekbladen en tijdschriften. Zij mogen bestaande en oude klanten nog wel bellen met een aanbod.
De ACM krijgt signalen dat bedrijven consumenten momenteel benaderen met het om verzoek toestemming te geven voor toekomstige telemarketinggesprekken na 1 juli. Dat is op zichzelf niet verboden, maar consumenten moeten zich er wel van bewust zijn dat zij met zo’n toestemming ook na 1 juli telefonisch benaderd kunnen blijven worden door het betreffende bedrijf. De ACM roept consumenten daarom op goed na te denken voordat zij toestemming geven. Mensen die zonder toestemming te hebben gegeven worden gebeld, kunnen hiervan melding blijven maken bij de ACM.
Consumenten die eerder toestemming hebben gegeven voor telemarketing en daar later spijt van hebben, kunnen die toestemming ook weer intrekken. Bedrijven die mensen telefonisch benaderen voor aanbiedingen moeten ook altijd aanbieden om hen uit het belbestand te halen. Ook kunnen mensen zelf ‘recht van verzet’ inroepen en hun toestemming in te trekken. Dit doe je door in het gesprek te zeggen dat je niet meer gebeld wilt worden. Je trekt hiermee een eerdere toestemming in. De verkoper moet dan direct je telefoonnummer uit de bellijst verwijderen en mag je niet meer bellen. Dit geldt uiteraard ook voor goede doelen, loterijen of kranten en tijdschriften waar mensen een klantrelatie hebben of hadden.
Creators grootste bron e-commerce Zuidoost-Azië
Vijftig tot zeventig procent van e-commerce in Zuidoost-Azië vindt zijn oorsprong bij creators op socialmedia.
Geen webwinkels, geen marktplaatsen maar socialmedia zijn de grootste leveranciers van shoppers bij Aziatische webwinkels.
Affiliatemarketing is daarmee een dominante leveranciers van traffic. Immers, creators sluiten zich eerst aan bij een affiliatenetwerk dat hen goed betaalt. De links die die platformen aanbieden, gebruiken de influencers vervolgens om vanuit hun video te linken naar een shopitem.
Dit beeld komt naar voren in cijfers van Intrepid Asia.
Dat is een in Singapore gevestigde e-commerce- en dienstenprovider voor Zuidoost-Azië. Het levert data en middelen voor e-commerce- en marketingmanagement. Het bedrijf van Europese oprichters heeft een paar honderd medewerkers verspreid over Singapore, Maleisië, Indonesië, Thailand, Vietnam en de Filipijnen.
Het creator- en affiliatemodel staan ook centraal in de wijze waarop TikTok Shop e-commerce op zijn platform wereldwijd uitrolt.
Rick Franx van bureau Awesome schetste onlangs aan Emerce: “TikTok Shop draait voor tachtig procent om creators. Als je op het verkoopplatform succesvol wilt worden, moet je die machine van creators dagelijks blijven voeden. Alleen dan krijg je tractie, sales en creators die met jou willen werken.” Een belangrijke rol bij dat laatste aspect is de verkoperscommissie die een merk betaalt als de videomaker een verkoop helpt realiseren en via een affiliateprogramma een kickback krijgt.
Internationale ervaringen laten zien dat het algoritme van de video-app fijnbesnaard is. Het laat zich goed bespelen, is gevoelig voor wie dat goed doet en beloont dat met zichtbaarheid. Hoe meer autoriteit iemand op het platform heeft en hoe veelomvattender de content en commerciële strategie hoe meer verkopen. Franx: “Maar je moet wel álles doen: organisch, creators, paid ads en live streams. Toch zeker wel twee tot drie uur live shopping per week.”
Tim van der Wiel van GoSpooky stelde in datzelfde beschouwde verhaal over social commerce: “Als je geen creatorstrategie hebt, dan heb je geen e-commercetoekomst. Je moet als merk iemand ánders zo ver zien te krijgen dat ze iets voor je gaan verkopen. Betaal je onvoldoende commissie dan gaan ze zo naar een ander merk. Een merk dat meer biedt. Merken die het goed doen, publiceren op deze manier makkelijk duizend video’s per maand. En 95% procent van die creaties heeft eigenlijk weinig wezenlijke impact. Het gaat erom om die vijf procent winners te spotten en uit te lichten. Dat proces moet in een systeem zitten.”
Foto: Florian Wehde / Unsplash
Adverteerder op Qmusic maakt commercial met AI-prompt
Adverteerders op radiozender Qmusic kunnen er sinds kort hun commercials met AI laten genereren. De inventory van de zender is sinds vorige week toegankelijk via een zelfbedieningsloket, Ad Manager.
Voor eigenaar DPG Media is dat een volgende noviteit in een lange reeks. Het mediabedrijf is bovendien bezig alle slimme reclameproducten van RTL Nederland te integreren bij DPG Media.
De beweging naar digitale autonomie, want zou beschouwt chief digital officer Stefan Havik deze ontwikkeling, begon een aantal jaren geleden. De uitgever wilde niet meer afhankelijk zijn van 3rd party cookies, maar baas in eigen huis zijn over advertising. Daarbij hoort ook het DPG-brede inlogsysteem.
De daaruit voortvloeiende zelfontwikkelde Ad Manager, het zelfbedieningsloket waarmee eenvoudig reclameruimte wordt ingekocht, wordt nu ook gefaseerd uitgerold naar het audio-men videodomein van RTL. Te denken valt aan de Ad Alliance-partners, Videoland, alle RTL-merken en audio.
Tot die laatste groep behoort onder meer Qmusic.
Havik tegen Emerce: “Qua advertising bieden we een lokaal tegenwicht tegen Amazon, Google en Meta. Anders dan je bij exchanges ziet, rekenen wij geen fees. De adverteerder houdt zelf die extra marge en kan bepalen wat hij ermee doet. In de praktijk zien we dat ze dat gaan herinvesteren bij ons.”
DPG, Talpa, Mediahuis en NOS behoren tot de laatste grote uitgeefgroepen uit de lage landen waar adverteerders hun budgetten lokaal kunnen besteden. Een deel gaat nog naar retailmedia, maar 83 procent van alle reclame-uitgaven in Nederland vloeit direct naar de VS. Niet naar Nederlandse journalistiek, niet naar Nederlandse cultuurdragers. Dat is een probleem.
Havik: “Als groep slagen wij erin een gezond verdienmodel te exploiteren. De verhouding tussen publishing en broadcast is goed. Die is, net als bij de verhouding abonnementen en advertising 50/50 verdeeld.”
Telling is selling
Taxi- en bezorg-app Bolt boekt eerste winst
Bolt noteert over 2025 voor het eerst een nettowinst, met een waarde van negenhonderdduizend euro.
De omzet over dat jaar steeg met veertien procent naar 2,3 miljard euro (+16%). Dat meldt de Estse nieuwsdienst ERR op grond van een persbericht van het bedrijf.
Eind vorig jaar had Bolt ruim vierduizend medewerkers in dienst. Meer dan 200 miljoen klanten maken gebruik van zijn diensten. Het is actief in meer dan vijftig vooral Europese landen en ruim 850 steden.
Directe concurrenten in Europa zijn Uber, Free Now (overgenomen door Lyft voor €175 miljoen in april 2025) en Cabify.
Op 9 december 2025 kondigde Bolt een samenwerking aan met Stellantis voor Level-4 autonome voertuigen in Europa.
Minder orders, meer omzet Just Eat Takeaway
De Europees werkende bezorgdienst Just Eat Takeaway zag het aantal orders afgelopen jaar met negen procent afnemen, maar omzet groeide met een fractie.
Consumenten bestelden in het gebroken boekjaar 2026 voor 11 miljard euro aan maaltijden bij Just Eat Takeaway. Daarvoor plaatsten ze 292 miljoen orders. Dat klinkt omvangrijk, maar in de wereld van het besteldienst is dat 28 miljoen minder dan in 2025 en 49 miljoen minder dan in 2024.
De winst voor belasting was vorig jaar al klein, maar daalde voor het afgelopen jaar tot acht miljoen euro. Op een netto omzet van 1,9 miljard, een daling zes procent al je ‘gekochte omzet’ (uit bedrijfsovernames) niet meerekent.
Dit komt naar voren in de jongste financiële cijfers van Prosus, de investeerder die het moederbedrijf van Thuisbezorgd.nl in februari 2025 overnam. Aan de achterkant is, naar men zegt, veel gesleuteld aan technologie en marketing. Grote bewegingen in de cijfers zijn echter niet te constateren tussen de rapportages over 2025 en 2026.
Het doel voor het nu lopende boekjaar, dat afloopt op 31 maart 2027, is om van Just Eat Takeaway een bedrijf te maken dat weer groeicijfers toont. Het Europese label zit aan het tafeltje met kinderen die extra aandacht nodig hebben:
Het aantal partners, jargon voor aangesloten restaurants, nam met zeventienduizend af tot 342.524. Dat is een daling van vijf procent. Wereldwijd, dus inclusief India en Zuid-Amerika, werkt men met vijf miljoen partners.
Prosus rapporteert vanochtend als groep een omzet van 9,7 miljard dollar (+12%) en winst voor belasting van 913 miljoen dollar. Het bedrijf zelf, de investeerder, rapporteert opbrengsten van 8,3 miljard dollar (+12%) en winst voor belasting van 619 miljoen dollar.
Afbeelding: ceo Fabricio Bloisi
Digital District Zwolle opent innovatiehub in Spoorzone Zwolle
Digital District Zwolle (DDZ) en City Developer-S sluiten een strategisch partnerschap voor de ontwikkeling van een innovatiehub op het gebied van IT en E-commerce in Spoorzone Zwolle. Met deze samenwerking krijgt de regio een fysieke plek waar ondernemers, organisaties, onderwijs, studenten en IT-professionals elkaar opzoeken voor kennisuitwisseling en samenwerken aan vraagstukken rond AI, data, cybersecurity, immersive design en e-commerce.
“De digitale sector staat voor grote uitdagingen. De vraag naar talent groeit, de technologie verandert snel en uit gesprekken met bedrijven, onderwijs en overheden horen we steeds hetzelfde: samenwerking rondom innovatie gebeurt nog te versnipperd.” aldus Jan-Ernst van Driel, vicevoorzitter van DDZ.
De innovatiehub wordt gevestigd bijHanz, een flex office concept midden in Spoorzone Zwolle: het innovatiedistrict van de regio. DDZ ontwikkelt de hub in nauwe samenwerking met de Digitale Werkplaats Regio Zwolle (MoveDigi). Voor beiden is het een mooie volgende stap. Het netwerk verbindt inmiddels bijna 100 partners, organiseert tal van kennissessies en koppelde afgelopen jaar ruim 60 mkb-bedrijven aan praktijkprojecten met studenten. Met een vaste plek krijgen al die ontmoetingen, sessies en projecten nu een herkenbaar adres. Een plek waar je binnenloopt voor een masterclass, een sparringsessie of gewoon een kop koffie met een vakgenoot.
City Developer-S levert en ontwikkelt de locatie en speelt een belangrijke rol in de verdere ontwikkeling van het Hanzekwartier en Spoorzone Zwolle als innovatiecluster. Eigenaar Thijs van Dieren ziet bijHanz bij uitstek als de startplek voor een digitale innovatiehub: “Hier staan samenwerking en ondernemerschap centraal. Samen ontwikkelen we Hanzekwartier verder als centrum voor startups, scale-ups, kennisinstellingen en innovatieve bedrijven.”
KPN komt met addressable tv-advertising
KPN TV krijgt een nieuwe vorm van televisiereclame, waarbij de adverteerder reclameruimte inkoopt zoals men gewend is van Google en Meta.
Bij ‘addressable tv’ koopt een adverteerder niet een tijdsblok in op een bepaalde dag, maar rondom een bepaald thema of richting een doelgroep. Een ander reclamesysteem bepaalt vervolgens welke programma’s met welk bereik daar het beste bij passen.
De wens om dit te ontwikkelen bestaat al jaren. Er werd in 2018 met Talpa Network een proef gedaan en in 2024 nog een keer maar toen met en Talpa, NMO en Ad Alliance erbij.
Uit de Summer Update van NMO van afgelopen donderdag werd duidelijk dat deze laatste proef succesvol is afgerond. De nieuwe reclamedienst wordt voor het einde van het jaar landelijk uitgerold, aldus Brian Beelt van KPN. Hij was gastspreker bij die presentatie. Vodafone werkt aan dezelfde materie.
De initiatiefnemers zorgen ervoor dat een reguliere spot-commercials niet als ‘uitgezonden’ wordt bestempeld als de reclamepositie programmatic is verkocht. NMO spreekt over watermarking als een van de daarvoor gebruikte technologieën.
Kijkcijfers van de KPN TV-app worden geleverd als databron voor de bereiksmetingen van NMO. Dat hoopt dat Vodafone/Ziggo en NLziet ook gaat meedoen, dit of volgend jaar. De streams van NOS.nl worden sinds deze maand al meegeteld. NMO werkt er ook aan de video’s mee te tellen die op het web worden uitgezonden. De grootste partijen doen al mee. Het is zaak ook de meer specialistische streamers in kaart te brengen, vertelt directeur Patricia Sonius van NMO (foto).
SpaceX wordt mobiele telecomaanbieder in de VS
SpaceX is van plan onder eigen merknaam een mobiele telecomaanbieder te worden in de VS. Daarmee zou het de concurrentie zoeken met lokale aanbieders als Verizon, AT&T en T-Mobile.
Topvrouw Gwynne Shotwell vertelde dat onlangs aan investeerders tijdens haar roadshow in de aanloop naar de beursgang van het ruimtevaartbedrijf. Dat tekent de Financial Times op via bronnen met kennis van zaken.
Technische details zijn verder niet bekend, maar ze sprak in elk geval ook over gebruiken van een netwerk met lokale masten. Het is mogelijk dat ze dan capaciteit huurt van ‘torenexploitanten’ als American Tower en Crown Castle en dan biedt op licenties, maar een MVNO-constructie ligt dan eerder voor de hand. Daarbij huurt ze een volledig operationeel netwerk bij een reeds gevestigde telecomaanbieder tegen een groothandelsprijs.
Dat zou gebeuren onder eigen merk. Momenteel is SpaceX op de telecommarkt actief met dataconnectiviteit als wederverkoper. T-Mobile is de eerste klant die zijn respectievelijke klanten connectiviteit via de satelliet biedt op plaatsen waar geen telecommasten staa
Als operator onder eigen label zónder een eigen retailnetwerk van winkels kan het winstgevender handelen dan gevestigde telecomaanbieders.
Starlink had eind 2025 10,3 miljoen abonnees. Zelf schatten ze dit jaar te groeien naar 25 miljoen abonnees. De gemiddelde maandelijkse omzet per abonnee gaat juist de andere kant op: omlaag. Deze zogeheten ARPU daalde van 99 dollar per maand in 2023 naar 91 dollar in 2024 naar 81 dollar in 2025. In het eerste kwartaal van 2026 lag het cijfer zelfs op 66 dollar, een daling van bijna 23 procent op jaarbasis. Het prospectus legt uit dat dat bewust is. Het bedrijf stuurt niet op een hogere ARPU. De strategie is volume en marge, niet prijs per klant.
Niets staat SpaceX in de weg om op andere continenten een vergelijkbare constructie te creëren en in Europa mobiele telecomaanbieder te worden. Dan komen ze wel Satellite Connect Europe tegen, een initiatief van Orange, Telefónica en Three Group om op tien markten in Europa mobiele breedbandconnectiviteit leveren vanuit de ruimte. Dat is een joint-venture van Vodafone Group en de Amerikaanse satellietprovider AST Mobile.
Het aandeel SpaceX schommelt sinds een week nét iets boven de openingskoers van 150 dollar.
Eind 2025 diende Starlink een aanvraag in voor het merk Starlink Mobile.
Foto: AI-gegenereerd
‘MKB slagvaardiger met AI’
Het MKB wordt veel productiever, slagvaardiger en innovatiever met speciaal voor deze sector ontwikkelde AI technologie. MKB-Nederland, techbedrijven, investeerders en beleidsmakers kwamen vrijdag samen in Nieuwspoort in Den Haag om het belang hiervan onder de aandacht te brengen. Concrete plannen werden niet onthuld.
Talrijke belangenorganisaties en experts waren aanwezig om het belang van AI te onderstrepen. Daaronder staatssecretaris Digitale Economie Willemijn Aerdts, Constantijn van Oranje, Joost Farwerck (CEO KPN), Jelle Prins (co-auteur Nationaal AI Deltaplan) en Marijke Vuik, vanaf 1 juli de nieuwe voorzitter van MKB-Nederland. Met hen ook financiële partijen als ABN AMRO en ING.
Als het gaat over innovatieve (AI)-technologie, gaat het vaak over grote bedrijven en grote bedragen. De cruciale bijdrage van het midden- en kleinbedrijf (MKB) aan de Nederlandse economie blijft hierbij vaak onderbelicht.
Het MKB is goed voor 99 procent van alle Nederlandse ondernemingen, vertegenwoordigt ongeveer 60 procent van de toegevoegde waarde en meer dan 70 procent van onze werkgelegenheid, zo vertelde oud-KPN topman Ben Verwaayen vrijdag. Dat zijn ruim anderhalf miljoen maakbedrijven, installateurs, accountants, groothandels, logistieke bedrijven en winkels: de haarvaten van de economie.
Verwaayen is tegenwoordig van Keen Venture Partners, een fonds dat grootschalig wil investeren in jonge AI bedrijven.
Nieuwe MKB-technologie moet deze groeimotor nu een impuls geven. Die kan bijvoorbeeld snel en kostenefficiënt administratie, facturatie en ander routinewerk automatiseren zoals . Of juridische, technologische en andere specialistische kennis snel en goedkoop beschikbaar maken.
Het Nederlandse Nance heeft onlangs 1 miljoen opgehaald in een eerste investeringsronde. Het bedrijf maakt AI die het dagelijkse financiële werk van het MKB grotendeels uitvoert. De software neemt het terugkerende finance werk uit handen: facturen verwerken, controleren of binnengekomen betalingen bij de juiste factuur horen, en bijhouden wat er nog openstaat. Daardoor weten ondernemers op elk moment hoeveel geld er beschikbaar is, in plaats van pas weken later. Geld dat vastzit doordat klanten nog niet betaald hebben of doordat rekeningen op het verkeerde moment worden voldaan, komt sneller vrij. En de cijfers die de bank, een investeerder of een toezichthouder wil zien, staan klaar zonder het uitzoekwerk aan het eind van de maand.
Sinds de lancering in april 2026 automatiseren ruim 30 bedrijven hun finance met Nance, zonder dat er één is afgehaakt, en is Nance al door Google uitgelicht als voorbeeld voor autonome AI op Google Cloud Next (link).
De ontwikkeling van AI verschuift dus van onderliggende technologie naar de applicatielaag: concrete, direct toepasbare oplossingen voor specifieke sectoren. Van glazenwassers en slagers tot horecabedrijven, metaalbewerkers, bouw- en klusbedrijven, autogarages, zakelijke mkb-dienstverleners en start- en scaleups: er ontstaan toepassingen die ondernemers kunnen gebruiken zonder onder de motorkap te hoeven kijken.
Bedrijven hebben geen uitgebreide IT-afdeling meer nodig om te profiteren van automatisering en slimme software.
Eerder kwam ook TNO al tot de conclusie dat AI organisaties helpt om werk slimmer en efficiënter te organiseren. De omvang en aard van die productiviteitswinst varieert sterk, maar kan heel groot zijn. Tegelijkertijd staan veel organisaties minder uitgebreid stil bij de manier waarop AI taken en arbeidsomstandigheden van werknemers verandert. Succesvolle inzet van AI hangt volgens TNO vooral af van organisatiekeuzes over de taakverdeling en hoe werkprocessen worden ingericht.
In sommige gevallen is het effect groot. Zo zorgde grootschalige automatisering van klantcontact bij HelloPrint voor forse kostenbesparingen omdat er 80% minder personeel nodig was. In andere gevallen, zoals bij de Douane en LINKIT, bleef het effect beperkt tot kleine tijdswinst bij specifieke taken zoals schrijven of informatie zoeken. Tijdswinst leidt niet automatisch tot meer productiviteit of omzet. Het hangt af van wat organisaties doen met de vrijgekomen tijd. Alleen als zij die tijd waardevol benutten, ontstaat productiviteitswinst.
Jelle Prins bouwde de eerste apps voor Uber en Booking, en wil nu met Cradle een revolutie veroorzaken in de geneeskunde. Hij schreef het Nederlandse AI Deltaplan. In Nieuwspoort vertelde hij dat zijn organisatie door AI al wezenlijk anders is geworden.’Een app maken is niet meer zelf programmeren, maar omschrijven wat je wil. Je kunt met AI heel wat processen automatiseren, een nieuwe functie in software kun je in no time realiseren, zo maak je weg vrij voor essentieel werk.’
Eerste zittingsdag voor Sony in Nederlandse rechtszaak over PlayStation Store
Vandaag vindt de eerste zitting plaats voor de rechtbank Midden-Nederland in de collectieve rechtszaak van Stichting Massaschade & Consument tegen Sony. De stichting daagde het bedrijf vorig jaar juni voor de rechter namens ruim 1,7 miljoen Nederlandse PlayStation-spelers die jarenlang te veel zouden hebben voor digitale games en in-game content. Uit economisch onderzoek in opdracht van de stichting blijkt het te gaan om een schadebedrag dat kan oplopen tot meer dan 400 miljoen euro.
Tijdens de zitting buigt de rechter zich over de vraag of de Nederlandse rechter bevoegd is en of de stichting mag optreden namens de gedupeerde spelers. Wordt de stichting ontvankelijk verklaard, dan ligt de weg open naar de inhoudelijke behandeling van het machtsmisbruik dat de stichting Sony in de dagvaarding verwijt.
Van alle Nederlanders met een spelconsole in huis heeft meer dan 80 procent een PlayStation. Over elke verkoop in de PlayStation Store rekent Sony een commissie van 30 procent, die ontwikkelaars in hun prijzen doorberekenen. Omdat geen enkele andere winkel die prijzen kan onderbieden, betalen spelers voor een digitale game gemiddeld 47 procent méér dan voor dezelfde game op schijf. Op de boekenmarkt, waar wél concurrentie tussen digitale winkels bestaat, is een e-book gemiddeld bijna 40 procent goedkoper dan de papieren versie.
De Nederlandse procedure tegen Sony staat niet op zichzelf. In het Verenigd Koninkrijk behandelde de rechtbank onlangs een vergelijkbare collectieve zaak namens ruim elf miljoen spelers, in een proces dat maar liefst tien weken duurde en ook de sterke machtspositie en hoge commissies van Sony aan de kaak stelde. Ook in Portugal en Australië zijn procedures tegen Sony gestart. De kernvraag is telkens of Sony als maker van de PlayStation andere game stores op de console mag blijven weigeren, Voor de allergrootste techbedrijven ter wereld heeft Europa die vraag deels beantwoord met de Digital Markets Act, die Apple en Google verplicht hun appwinkels open te stellen. Sony valt qua omvang net buiten die regels.
Enkele prijstrackers meldden dat Sony sinds eind vorig jaar met gepersonaliseerde prijzen experimenteert. Vooralsnog gaat het om kortingen, maar verschillende spelers krijgen voor dezelfde game wel een ander bedrag te zien. Webwinkels doen dat voortdurend, maar daar kan een speler de prijs naast die van een concurrent leggen. In de PlayStation Store bestaat die tweede prijs niet, en dus is er niets om mee te vergelijken, of om naar uit te wijken.
Binnen enkele maanden na de zitting van 29 juni 2026, zal de rechtbank uitspraak doen over de ontvankelijkheid van de stichting. Daarna komt de rechtbank toe aan een inhoudelijke beoordeling van de vorderingen van de stichting. Wijst de rechter de vorderingen uiteindelijk toe, dan moet Sony de digitale PlayStation-markt openstellen voor andere aanbieders en de geleden schade vergoeden. Inmiddels hebben zich al ruim 26.000 spelers aangesloten. Iedere PlayStation-speler die sinds 29 november 2013 een aankoop in de PlayStation Store deed, kan zich kosteloos aanmelden via www.fairplaystation.nl.
Emerce lanceert nieuw evenement: Update over GEO
Op donderdag 1 oktober 2026 vindt ‘Emerce Update GEO’ plaats in B.Amsterdam. Een compact programma met praktijkexperts op het podium helpt digitale beslissers grip te krijgen op een zoeklandschap dat in hoog tempo verandert.
De kernvraag die in deze Update centraal staat: hoe blijf je zichtbaar wanneer gebruikers niet meer zelf zoeken? AI-chatbots en agents nemen het zoekgedrag over. Ze vergelijken, wegen af en geven antwoord, zonder dat iemand nog op een link klikt. De keuze valt vóór die klik en daarmee verschuift de kern van het vak.
Generative Engine Optimization (GEO) staat naast SEO, komt niet in plaats van, maar vraagt een andere aanpak. Het gaat niet langer om een positie in een resultatenpagina, maar om opgenomen worden in een AI-gegenereerd antwoord. Dat stelt nieuwe eisen aan content, autoriteit en de technische inrichting van een website. Hoe selecteren AI-modellen hun bronnen? Wat werkt nog in contentstructuur en wat niet meer? En: hoe meet je impact als de klikdata wegvalt?
Het evenement, beperkt tot honderd deelnemers, combineert keynote-sessies met hands-on workshops, zodat theorie niet blijft hangen in abstracties maar direct vertaalt naar de werkdag.
De eerste sprekers zijn bevestigd, meer namen volgen. Peter van der Graaf (Brazen) vertelt hoe Sony van onzichtbaar naar aanbevolen ging in AI-antwoorden. Chantal Smink verkent waar de kansen van GEO liggen en welk spel je eigenlijk wilt spelen. Jaap Jacobs (Fingerspitz) neemt een eigenzinnig standpunt in met “Vergeet GEO: waarom zero-click de enige manier is waarop je verkoopt.” Sander Tamaëla (MetSander) onthult wat 200.000 AI-antwoorden blootleggen over GEO. En GPT-expert Martin van Kranenburg betoogt dat het tijdperk van de blauwe linkjes voorbij is.
De voorgaande Emerce Update over AI Agents in februari was snel uitverkocht.
Google breidt reCAPTCHA uit met nieuwe verificatiemethode
Google breidt zijn technologie reCAPTCHA uit met een nieuwe verificatiemethode waarbij gebruikers eenvoudige handgebaren voor hun camera moeten uitvoeren om te bewijzen dat ze geen robot zijn. De functie is bedoeld als extra bescherming tegen steeds geavanceerdere bots en AI-systemen die traditionele CAPTCHA-uitdagingen kunnen omzeilen.
Wanneer de functie is ingeschakeld, vraagt reCAPTCHA toestemming voor toegang tot de camera. Vervolgens maakt het systeem een korte video van de hand van de gebruiker terwijl deze een of meerdere gebaren uitvoert. Google analyseert daarbij uitsluitend de bewegingen en de positie van handpunten. Volgens het bedrijf worden de videobeelden niet gekoppeld aan de identiteit van de gebruiker, wordt er geen audio opgenomen en worden de video’s na de verificatie verwijderd.
Google benadrukt dat de handgebarencontrole optioneel is. Gebruikers die de uitdaging niet kunnen uitvoeren, bijvoorbeeld vanwege toegankelijkheidsredenen, kunnen blijven terugvallen op bestaande visuele of audio-uitdagingen. Daarnaast zegt het bedrijf te werken aan verdere verbeteringen op het gebied van toegankelijkheid.
De introductie van de nieuwe verificatiemethode volgt op eerdere veranderingen binnen reCAPTCHA. Google zoekt naar nieuwe manieren om menselijke gebruikers te onderscheiden van geautomatiseerde systemen, nu AI-modellen steeds beter worden in het oplossen van traditionele beeldpuzzels en andere verificatietests.
Vattenfall en Project Enki onderzoeken mogelijkheid van datacenters op zee
Vattenfall en Project Enki met partner ABB gaan samen de mogelijkheden onderzoeken voor de ontwikkeling van datacenters op zee. Deze datacenters zouden direct op offshore windparken aangesloten moeten worden en draaien daardoor volledig op duurzaam opgewekte energie. Daarmee speelt het initiatief in op de groeiende vraag naar rekenkracht, onder andere voor AI-toepassingen, en de toenemende druk op het elektriciteitsnet.
De samenwerking richt zich op het slim integreren van bestaande technologieën: Project Enki ontwikkelt en exploiteert de datacenters, terwijl Vattenfall zorgt voor een langdurige levering van duurzaam opgewekte stroom.
De datacenters worden niet ingericht als traditionele cloud-omgevingen, maar specifiek voor langdurige en zware rekenprocessen. Berekeningen voor AI kunnen in blokken worden opgedeeld. Op momenten dat er minder wind is kunnen de taken worden afgeschaald of worden uitgesteld.
Deze innovatie biedt daarnaast voordelen voor de energieproductie op zee. Energie die nu soms niet kan worden geleverd vanwege netcongestie of lage marktprijzen, kan direct lokaal worden gebruikt door de datacenters tegen vooraf afgesproken tarieven.
De datacenters nemen direct en slechts een beperkt deel van de totale capaciteit van een windpark af. Dat maakt aansluiting op het reguliere elektriciteitsnet overbodig en er blijft voldoende over om ook bij minder gunstige windcondities aan het net te blijven leveren.
Het gebruik van zeewaterkoeling op de offshore platforms betekent dat geen gebruik meer hoeft te worden gemaakt van drinkwater. Zeewater biedt een vrijwel onuitputtelijk koelmedium, waardoor de afhankelijkheid van schaars drinkwater aanzienlijk afneemt. Tegelijkertijd maakt de constante lage temperatuur van zeewater het mogelijk om servers efficiënter te koelen, wat leidt tot een lager energieverbruik en minder CO2‑uitstoot.
De initiatiefnemers bevinden zich in een strategische opstartfase, gericht op het realiseren van de eerste locatie. In deze fase brengt een gezamenlijk projectteam de technische, economische en maatschappelijke aspecten in kaart.
Europa: AWS en Azure mogelijk onder verscherpt toezicht (DMA)
De Europese Commissie wil Amazon AWS en Microsoft Azure bestempelen tot poortwachter onder de Digital Markets Act (DMA).
Resultaten uit een verkennend onderzoek stellen dat AWS en Azure de grootste clouddiensten in Europa zijn. Vanuit die positie als aanbieder zijn ze een belangrijke poortwachter. Het onderzoek is uitgevoerd in samenwerking met de Nederlandse toezichthouder ACM.
“Ze hebben allebei een enorme en gevestigde gebruikersbasis en lijken te profiteren van lock-in-effecten en hoge overstapkosten, naast een groot ecosysteem.”
“Bovendien is hun portfolio van tools en partnerschappen op het gebied van kunstmatige intelligentie een doorslaggevende factor geworden bij de aanschaf van cloudoplossingen.”
De DMA zorgt ervoor dat grote leveranciers niet te dominant kunnen worden. Om daar voor te zorgen kunnen deze partijen onder toezicht wordt geplaatst en moeten ze aan scherpere regels dan anderen voldoen.
Amazon en Microsoft krijgen nu de gelegenheid te reageren op de resultaten van het onderzoek. Op grond van die reacties kan de Commissie besluiten om hen al dan niet scherper in het vizier te nemen.
Het doel van eventuele maatregelen is hun platformen eerlijker, opener en minder zelfprefererend te maken. Zo krijgen ze minder ruimte om eigen diensten automatisch voor te trekken en komt er meer toezicht, meer meldplichten en mogelijk verplichte aanpassingen in contracten, interfaces en rangschikking van diensten.
Foto: Alex Suprun / Unsplash
‘Amazon Prime Day in VS groter dan Black Friday’
De handelswaarde die Amazon tijdens zijn koopjesfestijn Prime Day realiseert is in de VS groter dan de optelsom van Black Friday en Cyber Monday.
Dat laten althans cijfers van Adobe Analytics zien. Amazon smokkelt een beetje, want die ene Prime-dag duurt niet één dag maar vier dagen.
Amazon Prime Day brengt 26,3 miljard dollar in het laatje, de twee koopjesjagen in de winter zijn goed voor 26,05 miljard dollar.
Voor het eerst duurt het shoppingfestijn van Amazon niet geen maar vier dagen. Daarnaast wordt het niet enkel in de VS gehouden, maar in alle landen waar de e-commercereus actief is. Buitenlandse omzetten telt Adobe echter niet mee.
Op de internationale markt is het schouderduwen tussen de e-commerceplatformen. Meerdere partijen willen nog voor de zomervakantie een koopjesfeest houden. Met kortingen, koopjes en exclusives wordt de consument opgejaagd om zijn portemonnee toch maar wel nu te trekken.
Naast Amazon houdt in Europa ook Joybuy van JD.com nu zijn koopjesfestijn onder de nietsverhullende naam Summer Black Friday. En TikTok staat opgelijnd om zijn TikTok Shop Summer Sale 2026-campagne te activeren op 6 juli aanstaande.
Foto: Hans Reniers / Unsplash
Talpa Media grootste verkoopnetwerk podcasts Nederland
Nog geen vijftig titels in portefeuille, maar wel de meeste wekelijkse luisteraars en wekelijks twee miljoen downloads. Talpa Media exploiteert Nederlands grootste verkoopnetwerk, maar is niet de grootste podcaster.
Dat beeld komt naar voren in de nieuwe audiorapportage van Audify, die het luistergedrag van Nederlandse media in kaart brengt. Naast radio omvat dat ook podcasts.
Een blik op de cijfers leert dat NPO/Ster op hun netwerk de meeste wekelijkse downloads zien (3 miljoen), gevolgd door Podimo (2,7 miljoen). Maar qua wekelijkse gebruikers kan de adverteerders voor bereik het beste naar Talpa Media gaan. Dat heeft een bereik van 1,6 miljoen.
Talpa haalt met slechts 46 actieve titels bijna 2,1 miljoen downloads per week. Dat komt neer op zo’n 45.000 downloads per titel, bijna acht keer zoveel als marktleider NPO/STER, dat zijn ruim drie miljoen downloads over liefst 531 titels uitsmeert en daarmee blijft steken op zo’n 5.700 per titel.
Een belangrijke nuance overigens is, dat Talpa Media grotendeels een advertentie-verkoopconstructie is. Het heeft geen eigen productiehuis. Een flink deel van die downloads komt uit titels die Talpa níet zelf maakt, maar waarvan het sinds 2025 de programmatic- en run-of-network-advertenties verkoopt. Denk aan exclusieve deals met Dag & Nacht Media en Tonny Media, beide onderdeel van Podimo.
Dat verklaart meteen waarom Talpa met zo weinig titels zo’n hoog bereik per titel haalt. Het gaat om geselecteerde, sterk presterende titels in plaats van een brede catalogus.
De cijfers laten een soort tweedeling zien. Aan de ene kant staan de volumespelers: NPO/STER (531 titels), Audiohuis Podcastnetwerk (395) en Audioboom (236). Die draaien op kwantiteit, met een bescheiden gemiddelde luisteraantaal per titel van rond de 5.000 downloads of minder. Aan de andere kant staan de geconcentreerde netwerken die met een handvol sterke titels het meeste binnenhalen. Naast Talpa scoort ook Mediahuis NRC opvallend hoog: met slechts 21 titels en ruim een half miljoen downloads komt het uit op zo’n 26.000 per titel.
Gemiddeld aantal wekelijkse downloads per actieve podcasttitel, per verkoopnetwerk
Talpa Media 45.426 Mediahuis NRC 26.140 FD Mediagroep 16.384 Podimo 14.610 NPO / STER 5.728 DPG Media 5.498 Audiohuis Podcastnetwerk 5.083 Audioboom681
All Things Comedy681
Bron: ranglijst Nederlandse podcast-verkoopnetwerken, week-totalen (1.728 actieve titels, 13.369.216 wekelijkse downloads). Cijfers per titel zijn een eigen berekening op basis van de gepubliceerde tabel.
Het Nationaal Media Onderzoek (NMO) komt na de zomer met een nieuwe editie van de tweejaarlijkse Audiomonitor. Dit geeft extra inzichten over alle vormen van audioconsumptie, naast de reguliere bereiksmetingen. Dan zal ook duidelijk worden met welke apparaten op welke locatie men luistert naar radio, luisterboeken, podcast en muziekstreams. Speciale aandacht dit jaar is er voor audio-snippets op socialmedia en reclame in podcasts.
